Ik heb een artikel geschreven over mijn bezoek aan Suriname dat deze maand in 'Kunstzone' staat. Voor de paar studenten die daar nog geen abonnement op hebben: hier het artikel (-:
-------------------
“Ik geef je een Surinaamse Brasa!”
Steeds vaker vertrekken onze studenten van de opleiding docent muziek in Utrecht in hun vierde jaar naar het buitenland om hun horizon te vergroten. De afgelopen jaren zijn ze geweest in Indonesië, Spanje, Zweden, Sri Lanka, Suriname, Ghana, Bolivia…en allemaal met andere redenen. Natuurlijk stellen wij als opleiding de eis dat ze in het land van hun keuze muzieklessen gaan geven, en waar het kan muzieklessen te volgen. Toch lijkt de primaire reden vaak een andere. Het willen helpen van mensen in ontwikkelingslanden, het doen van zendelingwerk of op zoek gaan naar je roots van vóór je adoptie…een kleine greep uit de motivaties van studenten.
Dion Bossers, 4e jaars student van onze opleiding, deed een onderzoek naar de motivaties van studenten en conservatoria voor en het rendement van buitenland stages. Uit haar scriptie komt naar voren dat het je in een andere cultuur bevinden een nieuw oogpunt geeft, een nieuwe blik op bekende materie, een frisse kijk op aan de oppervlakte misschien uitgekauwde onderwerpen. Dezelfde ervaring had ik als docent van het conservatorium.
Het IOL
In november van het afgelopen jaar werd ik gevraagd om gastlessen muziekeducatie te komen geven op het Instituut Opleidingen Leraren (IOL) in Paramaribo, Suriname. Op wat laten bleek zeer Surinaamse wijze was ik in contact gekomen met iemand die iemand kende van het IOL en die wel vond dat ik misschien iets kon wat ze daar niet konden…
Later bleek dat ik niet de eerste hoofdvakdocent van een Nederlands conservatorium was die een bezoek bracht aan Suriname. Peter den Ouden, Frans Haverkort, Ab Sandbrink en een aantal andere collega’s gingen me voor. Blijkbaar lag er een behoefte in Suriname, en beschikten ze over de juiste overredingskracht om mensen ertoe te verleiden een aantal week naar Suriname te vertrekken.
Een belangrijke reden werd me duidelijk toen ik samen met mijn collega Christiane Nieuwmeijer in Paramaribo het vliegtuig uitstapte in de warme koesterende avondzon. Nog duidelijker werd het me toen ik kennis maakte met het land en zijn inspirerende inwoners.
MoB acte
Na een gesprek met Ramon Williams, directeur van de afdeling Muziek van het IOL, kreeg ik meer zicht op muziekeducatie in Suriname. Hij geeft al een groot aantal jaar leiding aan deze opleiding die een MoA acte verzorgt. Een tijdje terug is het gelukt een MoB opleiding te starten. Dit onderscheid maken we in Nederland niet meer. Daarvoor in de plaats is het 1e en 2e graads werkveld gekomen, en ook die is momenteel aan het verwateren. Een MoA acte betreft dan het 2e graads gebied inclusief basisschool, en de MoB acte betreft dan ook het 1e graads gebied. De studenten uit de MoB opleiding zijn voor een groot deel mensen die al (lang) werkzaam zijn in het muziekonderwijs en gevraagd zijn terug te komen om zich verder te scholen. Een hele diverse groep studenten dus, met een heel eigenzinnige en krachtige eigen input. Dat was ons uitgangspunt voor de lessen die we wilden geven.
Visie
Het was direct duidelijk dat de studenten allemaal een heldere visie hadden over het nut van muziekeducatie. Bovendien bleek dat zij bijzonder goed in staat waren dit te verwoorden op inspirerende en zeer welbespraakte wijze.
Ik citeer Maarten Couthino:
“Muziekopvoeding is in onze hedendaagse maatschappij niet weg te denken daar ze opvoeding is tot auditieve waarneming en communicatie. Onbevooroordeeld auditief waarnemen vergt voldoende concentratie, doorzettingsvermogen, zelfdiscipline en soepelheid, de juiste eigenschappen die voorwaarden zijn van creatief gedrag. Creativiteit in de muzikale vorming staat niet los van bewustmakingsprocessen. Tijdens de muziek lessen op onze school moeten de leerlinge de gelegenheid hebben om bewust te worden van luisteraar, producent, consument en vertolker. Creatieve muziekopvoeding bewerkstelligt ook een maatschappijkritische attitude bij onze leerlingen.”
Voor mij is het evident dat Maarten spreekt vanuit ervaring, kennis, bevlogenheid en inspiratie. Dit wierp wel direct de vraag op wat wij dan zouden gaan doen tijdens onze gastlessen.
Uiteindelijk hebben wij ons gericht op het ‘Hoe’. Als muziekeducatie dan zo belangrijk is, als het de leerlingen opvoedt tot ‘maatschappij kritische burgers’, hoe moet je dan de lessen geven? Als je divergente, creatieve denkers/doeners wilt opvoeden, hoe geef je dan je onderwijs vorm?
Practise what you preach
Zes inspirerende, hilarische, hartverwarmende en zeer intensieve lessen waarin wij de studenten prikkelden om zelf hun input te geven waren het gevolg. De bewustwording dat niet wij als ‘docenten uit Nederland’ de waarheid in pacht hebben, maar dat zij allen dat al lang bezitten en kunnen uitdragen was de metafoor voor onze boodschap van ‘leerlinggestuurd onderwijs’: Practise what you preach. In mij zit geen enkele twijfel dat deze groep Surinaamse studenten al lang alle competenties bezitten om muziekeducatie in Suriname verder te ontwikkelen, net zoals ik er geen enkele twijfel over heb dat elke kind muzikaliteit bezit die wacht op het juiste moment en de juiste context om eruit te komen om zo tot ontwikkeling te komen.
Het is belangrijk om na te denken over het ‘waarom’ van muziekeducatie, maar uiteindelijk gaat het om het ‘hoe’. Dat was ook mijn persoonlijke eyeopener. Dat heb ik mee terug genomen naar Nederland. Uiteindelijk creëer je geen cultureler land door over het nut te discussiëren maar door ontzettend goed en prikkelend muziekonderwijs te verzorgen in alle lagen van de bevolking.
Suriname: ik geef je een ‘brasa’. Dank je wel voor je warmte en openheid.
donderdag 2 juni 2011
zondag 3 april 2011
Orde houden en de emotionele bankrekening!
Vorig jaar heb ik een blog geschreven over orde houden en het storten op de emotionele bankrekening...hadden we het daar niet over in de stagereflectie? T'is nog steeds actueel! Check it out, vooral lieve eerste jaars: http://suzanlutke.blogspot.com/2009/04/emotionele-bankrekening.html
maandag 7 maart 2011
"Voorstellingsvermogen is belangrijker dan kennis." (Albert Einstein)
Voor mijn studie onderwijskunde moet ik een essay schrijven. Ik moet het volgende week inleveren. Hieronder staat die al in al zijn 3000 woorden. Mocht je nog tips hebben, dan hoor ik het graag!
-------------------------------------
Waarom op kennisoverdracht gericht en docentgestuurd onderwijs volstrekt ontoereikend is in een maatschappij waarin innovatie een belangrijke economische bouwsteen is.
“Nederland heeft de ambitie om te behoren tot de top vijf van kenniseconomieën. (…) Om te komen tot meer excellent onderwijs is meer structuur en focus op kennis nodig. Er wordt toegewerkt naar een absolute kwaliteitsnorm waarbij de toegevoegde waarde zwaarder meeweegt.” (Regeerakkoord 2010, onderwijs, para. 1)
“Om de concurrentiekracht van het bedrijfsleven te versterken voert de overheid ook een gericht beleid ter bevordering van innovatie en ondernemerschap, onder meer door stimulering van samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid. Innovatie is voor alle sectoren van het bedrijfsleven van vitaal belang bij de productontwikkeling en export.” (Regeerakkoord 2010, economie, para. 3)
Bovenstaande twee ambities uitgesproken door de huidige regering Rutte zijn veel gehoord en besproken in de landelijke media. Kernwoorden zijn dan innovatie en kenniseconomie. In de media worden deze vaak in één zin genoemd. Met een kenniseconomie wordt dan een samenleving bedoeld waarbij een significant deel van de economische groei voortkomt uit (technische) kennis.
Kennis wordt in het regeerakkoord naadloos verbonden aan innovatiekracht. Dit blijkt onder andere uit de Kennis en Innovatie Agenda (2011). Conclusies die daarin getrokken worden is dat om de innovatiekracht van Nederland te verhogen we het onderwijs en onderzoek moeten verbeteren: Europees gezien lopen we achter in de investering in kennis (KIA 2011).
Het regeerakkoord sluit daarbij aan door de nadruk te leggen op meer kennis in het onderwijs. Over de inhoud van die kennis is de minister duidelijk, het betreft terugkeren naar ‘de kern’, of zoals verwoord in de adviesaanvraag ‘Actieplan Beter Presteren’:
“In het basiscurriculum in primair en voortgezet onderwijs (zowel de onderbouw als de bovenbouwprogramma’s van vmbo, havo en vwo) komt meer nadruk te liggen op de kernvakken Nederlands, Engels, wiskunde en science.” Bijsterveldt, 2010, para. 5)
Minder duidelijk is de minister over hoe dan precies die kennis tot de leerlingen moet komen. Wat echter wel duidelijk wordt uit de bovengenoemde adviesaanvraag van het actieplan is dat er ‘opbrengsgerichter’ gewerkt gaat worden, dat er meer aandacht komt voor het toetsen van wat de minister de kerntaken van het onderwijs noemt om zo de kwalificerende taak van onderwijs te onderstrepen. (Bijsterveldt, 2010)
In de volksmond wordt deze ambitie van de minister vaak aangegrepen om de vergaarbak van Het Nieuwe Leren (HNL) te ondergraven. Mijn vader, in 1967 afgestudeerd aan de Kweekschool verzucht vaak dat docenten weer gewoon les moeten gaan geven, en leerlingen ‘dingen moeten leren’. De vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) is het met hem eens:
“Directe instructie en oefening onder leiding van een vakkundig docent, in overzichtelijke groepen met een royaal aantal contacturen per vak, in beginsel de meest effectieve vorm van onderwijs is, mits goed uitgevoerd door de docent en binnen de opleiding ondersteund.”. (BON, 2006, para. 6)
Op allerlei ouderfora is ongezouten kritiek te lezen op het ‘softe’ onderwijs in Nederland, bijvoorbeeld op fora waar het Belgisch onderwijs wordt aangeprezen. Op de site bijvoorbeeld van de PZC (2011) staat een pittige en soms ietwat ongenuanceerde discussie te lezen tussen voor,- en tegenstanders van het onderwijs aan beide kanten van de grens. In dit forum valt op dat kennis in het onderwijs door deze lezers inderdaad direct verbonden wordt aan overdracht, discipline, structuur en docentgestuurdheid van het onderwijs.
De overheid wil dus een kenniseconomie zijn. Zowel de overheid als de publieke opinie hebben een visie over hoe deze kennis te vergaren, namelijk door productgerichtheid, kwalificeerbare en toetsbare eindtermen en meer sturing van de docent. Vraag die ten grondslag ligt aan dit essay is of dit de andere ambitie van de regering, namelijk het bevorderen van innovatie, wel dient.
De stelling die ik in dit essay wil verdedigen is dat in een maatschappij waarin innovatie een belangrijke economische bouwsteen is docentgestuurd en op kennisoverdracht gericht onderwijs volstrekt ontoereikend is.
Eerst zal ik uitleggen wat precies wordt verstaan onder innovatie en welke menselijke kwaliteiten ten grondslag liggen aan innovatief vermogen. Vervolgens zal ik bespreken hoe onderwijs dat deze kwaliteiten zoveel mogelijk ondersteunt en ontwikkelt eruit zou kunnen zien en beargumenteren dat daarin veel elementen zitten uit HNL. Daarna zal ik ook de tegenstanders aan het woord laten om vervolgens hun argumenten te weerleggen. In de conclusie zal ik tenslotte een beargumenteren dat zowel de kenniseconomie als de innovatiekracht ten dienste staan van elkaar en de maatschappij waarin wij leven. Om innovatief te zijn moet er geleerd worden creatief om te gaan met de kennis.
Mocht je geinteresseerd zijn in dit artikel stuur dan even een mail naar mij, of laat een reactie achter.
-------------------------------------
Waarom op kennisoverdracht gericht en docentgestuurd onderwijs volstrekt ontoereikend is in een maatschappij waarin innovatie een belangrijke economische bouwsteen is.
“Nederland heeft de ambitie om te behoren tot de top vijf van kenniseconomieën. (…) Om te komen tot meer excellent onderwijs is meer structuur en focus op kennis nodig. Er wordt toegewerkt naar een absolute kwaliteitsnorm waarbij de toegevoegde waarde zwaarder meeweegt.” (Regeerakkoord 2010, onderwijs, para. 1)
“Om de concurrentiekracht van het bedrijfsleven te versterken voert de overheid ook een gericht beleid ter bevordering van innovatie en ondernemerschap, onder meer door stimulering van samenwerking tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid. Innovatie is voor alle sectoren van het bedrijfsleven van vitaal belang bij de productontwikkeling en export.” (Regeerakkoord 2010, economie, para. 3)
Bovenstaande twee ambities uitgesproken door de huidige regering Rutte zijn veel gehoord en besproken in de landelijke media. Kernwoorden zijn dan innovatie en kenniseconomie. In de media worden deze vaak in één zin genoemd. Met een kenniseconomie wordt dan een samenleving bedoeld waarbij een significant deel van de economische groei voortkomt uit (technische) kennis.
Kennis wordt in het regeerakkoord naadloos verbonden aan innovatiekracht. Dit blijkt onder andere uit de Kennis en Innovatie Agenda (2011). Conclusies die daarin getrokken worden is dat om de innovatiekracht van Nederland te verhogen we het onderwijs en onderzoek moeten verbeteren: Europees gezien lopen we achter in de investering in kennis (KIA 2011).
Het regeerakkoord sluit daarbij aan door de nadruk te leggen op meer kennis in het onderwijs. Over de inhoud van die kennis is de minister duidelijk, het betreft terugkeren naar ‘de kern’, of zoals verwoord in de adviesaanvraag ‘Actieplan Beter Presteren’:
“In het basiscurriculum in primair en voortgezet onderwijs (zowel de onderbouw als de bovenbouwprogramma’s van vmbo, havo en vwo) komt meer nadruk te liggen op de kernvakken Nederlands, Engels, wiskunde en science.” Bijsterveldt, 2010, para. 5)
Minder duidelijk is de minister over hoe dan precies die kennis tot de leerlingen moet komen. Wat echter wel duidelijk wordt uit de bovengenoemde adviesaanvraag van het actieplan is dat er ‘opbrengsgerichter’ gewerkt gaat worden, dat er meer aandacht komt voor het toetsen van wat de minister de kerntaken van het onderwijs noemt om zo de kwalificerende taak van onderwijs te onderstrepen. (Bijsterveldt, 2010)
In de volksmond wordt deze ambitie van de minister vaak aangegrepen om de vergaarbak van Het Nieuwe Leren (HNL) te ondergraven. Mijn vader, in 1967 afgestudeerd aan de Kweekschool verzucht vaak dat docenten weer gewoon les moeten gaan geven, en leerlingen ‘dingen moeten leren’. De vereniging Beter Onderwijs Nederland (BON) is het met hem eens:
“Directe instructie en oefening onder leiding van een vakkundig docent, in overzichtelijke groepen met een royaal aantal contacturen per vak, in beginsel de meest effectieve vorm van onderwijs is, mits goed uitgevoerd door de docent en binnen de opleiding ondersteund.”. (BON, 2006, para. 6)
Op allerlei ouderfora is ongezouten kritiek te lezen op het ‘softe’ onderwijs in Nederland, bijvoorbeeld op fora waar het Belgisch onderwijs wordt aangeprezen. Op de site bijvoorbeeld van de PZC (2011) staat een pittige en soms ietwat ongenuanceerde discussie te lezen tussen voor,- en tegenstanders van het onderwijs aan beide kanten van de grens. In dit forum valt op dat kennis in het onderwijs door deze lezers inderdaad direct verbonden wordt aan overdracht, discipline, structuur en docentgestuurdheid van het onderwijs.
De overheid wil dus een kenniseconomie zijn. Zowel de overheid als de publieke opinie hebben een visie over hoe deze kennis te vergaren, namelijk door productgerichtheid, kwalificeerbare en toetsbare eindtermen en meer sturing van de docent. Vraag die ten grondslag ligt aan dit essay is of dit de andere ambitie van de regering, namelijk het bevorderen van innovatie, wel dient.
De stelling die ik in dit essay wil verdedigen is dat in een maatschappij waarin innovatie een belangrijke economische bouwsteen is docentgestuurd en op kennisoverdracht gericht onderwijs volstrekt ontoereikend is.
Eerst zal ik uitleggen wat precies wordt verstaan onder innovatie en welke menselijke kwaliteiten ten grondslag liggen aan innovatief vermogen. Vervolgens zal ik bespreken hoe onderwijs dat deze kwaliteiten zoveel mogelijk ondersteunt en ontwikkelt eruit zou kunnen zien en beargumenteren dat daarin veel elementen zitten uit HNL. Daarna zal ik ook de tegenstanders aan het woord laten om vervolgens hun argumenten te weerleggen. In de conclusie zal ik tenslotte een beargumenteren dat zowel de kenniseconomie als de innovatiekracht ten dienste staan van elkaar en de maatschappij waarin wij leven. Om innovatief te zijn moet er geleerd worden creatief om te gaan met de kennis.
Mocht je geinteresseerd zijn in dit artikel stuur dan even een mail naar mij, of laat een reactie achter.
woensdag 8 september 2010
Het jaar is weer begonnen!
Nou dat was me het dagje wel gisteren. 50 studenten uit het 1e,2e en 3e jaar voor een gezamenlijke intro hoofdfvak. Het was heerlijk! Wat een energie en muzikaliteit. Daarna een fatnastische eerste hoofdvakles, en dan duidt ik ik niet op mijn eigen hoogstaande didactische en pedagogische vaardigheden maar op de door de studenten geschreven speeches...wow...Hoe zou je jezelf en je vak in maximaal 2 minuten voorstellen aan je nieuwe colega's op een school waar je gaat werken? Dat was de vraag...Een aantal quotes:
"muziek = beleven in een omgeving zonder belemmeringen"
"docent zijn betekent je afvragen wat leerlingen nodig hebben in plaats van wat ze moeten"
"Door muziek wordt het gevoel van eigenwaarde groter. Eigenwaarde in de betekenis van genieten van wat je kan".
"In de muziekles wil ik iedere leerling zien en horen, want gezien worden is waar het overgaat in het leven"
"In de muziekles is het mijn taak als docent om het onbewuste bewust te maken".
Het was prachtig. Ik raad jullie allemaal aan de blogs van de derde jaars in de gaten te houden. Ze gaan hun speeches opnemen en daarop plaatsen!
Het mooiste compliment voor de opleiding kwam van Renske die opmerkte dat de inhoud van wat Nynke zei precies weergaf hoe ze in het eerste jaar al lesgaf. Dat betekent dat we in dit geval in staat zijn geweest om Nynke te laten worden wie ze is en haar hebben geleerd daar woorden aan te geven en er zo grip op te krijgen.
Machtig mooi vak, dat docent zijn...
"muziek = beleven in een omgeving zonder belemmeringen"
"docent zijn betekent je afvragen wat leerlingen nodig hebben in plaats van wat ze moeten"
"Door muziek wordt het gevoel van eigenwaarde groter. Eigenwaarde in de betekenis van genieten van wat je kan".
"In de muziekles wil ik iedere leerling zien en horen, want gezien worden is waar het overgaat in het leven"
"In de muziekles is het mijn taak als docent om het onbewuste bewust te maken".
Het was prachtig. Ik raad jullie allemaal aan de blogs van de derde jaars in de gaten te houden. Ze gaan hun speeches opnemen en daarop plaatsen!
Het mooiste compliment voor de opleiding kwam van Renske die opmerkte dat de inhoud van wat Nynke zei precies weergaf hoe ze in het eerste jaar al lesgaf. Dat betekent dat we in dit geval in staat zijn geweest om Nynke te laten worden wie ze is en haar hebben geleerd daar woorden aan te geven en er zo grip op te krijgen.
Machtig mooi vak, dat docent zijn...
zondag 30 mei 2010
Muzikantschap 3.0
Met Tet heb ik samen een artikel geschreven waar we trots op zijn. Lees het artikel op ons gezamenlijke blog: http://www.tetsuzan.blogspot.com/
reacties en discussies worden door ons zeer op prijs gesteld!
Suzan
reacties en discussies worden door ons zeer op prijs gesteld!
Suzan
dinsdag 27 april 2010
Artikel over koorproject
Onderstaande artikel heb ik geschreven voor de kunstzone en is gepubliceerd in de laatste aflevering. Voor iedereen die nog is vergeten een abonnement af te sluiten hier het artikel :-)
---------------------------
De stemmen van de middelbare school
door Suzan Lutke
Veel wordt er geschreven in de media over het niveau van het muziekonderwijs op de basisschool. Vaak gehoord is de opmerking dat ‘kinderen niet eens meer kunnen zingen’. Wat ik persoonlijk altijd erg prettig vind om te merken is dat goed onderwijs dit soort tendensen in de maatschappij kan omzetten.
Dat bleek weer eens tijdens de koorweek voor middelbare scholen die het conservatorium van Utrecht elk jaar organiseert voor scholen in de regio met het eindexamenvak muziek in hun curriculum.
Bij de Opleiding Docent Muziek van het conservatorium van Utrecht laten wij onze studenten gedurende hun studie zoveel mogelijk in aanraking komen met authentieke leersituaties, concrete situaties die ze zomaar in hun toekomstige beroepsituatie kunnen tegenkomen. Ook zijn wij de laatste jaren druk doende daar alle vakken in het curriculum aan te verbinden. Het is ons doel studenten af te leveren met een groot persoonlijk muzikantschap en een grote hoeveelheid tools dit in de wereld te zetten. Muzikantschap 3.0. Betekenisvol muzikantschap waarin educatie en uitvoering versmelten tot een ‘cloud of musical meaning’. Het muzikaal leiderschap speelt daarin een cruciale rol. Leiderschap in een ruime betekenis van dat woord: het richting geven, invullen, leiden en inspireren van anderen vanuit je eigen muzikale drive.
Het is één ding dat uit te proberen voor je studiegenoten, maar wat doe je als je 70 middelbare scholieren uit de bovenbouw hebt én ook nog de 70 studenten van de opleiding? Een authentieke uitdaging zullen we maar zeggen. Om dit te fasciliteren zijn we een aantal jaren geleden gestart met een koorproject waar we nu eens niet naar de scholen toegaan, maar de leerlingen van scholen uitnodigen om naar het conservatorium te komen. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten: het conservatorium en haar inwoners worden opgeschud door de inspirerende aanwezigheid van 80 middelbare scholieren én de leerlingen krijgen een gevoel bij wat dat is, een conservatorium, en in hoeverre dat voor hen een optie kan zijn in de toekomstige keuze voor een vervolgopleiding.
Op maandag 22 maart was het weer zover. Lokaal 330 van het conservatorium stroomt langzaamaan vol. De elf derdejaars studenten staan er enigszins verontrust naar te kijken. De leerlingen van het Cals college uit Nieuwegein vormen dit jaar de grootste groep leerlingen aangevuld met een groep van 20 leerlingen uit Lille (Frankrijk) die een uitwisseling hebben met de Werkplaats in Bilthoven.
De opzet van dit project is al een aantal jaar hetzelfde. Elke derdejaars student studeert één stuk in. De groep met leerlingen/studenten wordt verdeeld in verschillende groepjes. Er zijn 5 ronden van elk 40 minuten. Soms zingt iedereen in het grote koor, soms in kleinere koren met verschillende bezettingen, soms in een close harmony groep. Ieder koorlid zingt dus 5 stukken. We repeteren twee middagen en dan moet het eigenlijk klaar zijn. Op vrijdagavond is er dan altijd de uitvoering waar alle stukken uitgevoerd worden, aangevuld met solo optredens van leerlingen van de verschillende scholen.
Het blijkt een krachtig concept. Elk jaar weer is de maandag een dag van instuderen, veel noten vreten en tegelijkertijd de groep leren kennen. Het is verbazend hoe snel de leerlingen leren en hoe goed ze zijn. Dit is absoluut een groot compliment aan hun docenten. De leerlingen die aan ons project meedoen hebben allemaal een goede stem, zingen zonder enig voorbehoud, zijn 4 uur lang geconcentreerd bezig en zijn in staat zichzelf uitstekend te presenteren op een podium.
Het thema voor de conservatoriumstudenten was dit jaar hoe je wezenlijk contact kunt maken met een groep die je nog niet kent en in slechts 2 keer 40 minuten jouw visie kunt laten zien aan de groep. Hoe kun je je muzikaal leiderschap zo inzetten dat iedereen met je meegaat? Om hier een goed inzicht in te krijgen hebben we dit jaar voor het eerst met video-opnamen gewerkt. De studenten is gevraagd om op maandag hun hele repetitie op te nemen om daar vervolgens op maandagavond een korte film van te maken waarin een aantal goede momenten en verbeterpunten naar voren moesten komen. Na een gezamenlijke introductie op dinsdag zijn de studenten met een docent uiteen gegaan om samen naar deze reflecties te kijken en aan de hand daarvan een plan te schrijven voor de repetitie van dinsdag. Drie docenten waren betrokken bij deze reflecties: Servaas Schreuder, de koordirectiedocent, Tet Koffeman, zangcoach en ondergetekende vanuit de muziekdidactiek. Het bleek een krachtige tool. Alleen al het feit dat de studenten de opdracht hadden gekregen de hele repetitie terug te brengen naar een korte film met daarin ‘tips en tops’ maakte dat ze met veel inzicht deze tweede dag ingingen. Ook bleek dat omdat ze zo goed naar zichzelf hadden gekeken ze heel goed in staat waren elkaar van peerfeedback te voorzien. Het resultaat voor de middag repetitie was verbluffend. De veranderingen en verbeteringen waren evident en het klinkend resultaat daardoor ook. Plotseling was er het bewustzijn van de eigen persoon in relatie tot de grote groep. De kracht van een visie ten aanzien van wat je wilt gaan horen, het gebruik van alle muzikaliteit van jezelf in de communicatie met anderen. Plotseling was er de verbindende kracht van muziek.
Hierin is ook precies dit project voor alle betrokken zo bijzonder. Op dinsdag werd de dag geopend door Myrthe die met Gabrielles’ song uit de film As it is in heaven direct een emotioneel statement wilde maken. Toen ze zichzelf daarin echt kon laten gaan was de klank uit het koor zo overweldigend dat iedereen de kracht van de dirigent, van muzikale visie en van de muziek tot in zijn tenen voelde. Met een spontaan applaus als gevolg.
Ook deze tweede repetitie is opgenomen door de studenten. Verder op in de week zijn zij in groepen uiteen gegaan om samen te kijken naar deze opnamen en te kijken welk effect de voorgenomen verbeteringen hadden op de repetitie. Doel was op elk verbeterpunt van de reflectie van dinsdag te voorzien van een video opname van de tweede repetitie waarin de student toont in ieder geval met dat punt bezig te zijn.
Vrijdagmiddag verzamelde de hele club zich weer. Ditmaal op het Cals College in Nieuwegein. Vanwege het internationale Harpconcours was jammer genoeg de zaal van het conservatorium bezet, maar het Cals bezit zelf een prachtige theaterzaal wat zij ter beschikking wilden stellen voor het concert. Na nog een aantal korte repetities en een zoals het hoort rommelige generale was het zover: de uitvoering!
Belangrijk in het leven van elke muzikant is dat je het moment waarop het moet gebeuren herkent en daar kunt pieken. Durf je los te laten? Een citaat van Renske van der Zeeuw, derdejaars student die What a wonderful world had bewerkt voor vrouwenkoor en met 30 meiden had ingestudeerd:
"Ik heb alles voor de spiegel geoefend na de laatste repetitie van dinsdag. Wat waren die opnamen vreselijk! Ik zag er niet uit! Maar ik had me voorgenomen gewoon te genieten tijdens de uitvoering, en het lukte! Ik heb nergens meer aangedacht, maar ik deed het wel!"
Dorien dirigeerde O salutaris Hostia, een prachtig ingetogen liturgisch werk van Caplet. Ook haar laatste repetitie was niet vlekkenloos verlopen, maar met stralende ogen sprak zij de legendarische woorden: “ het was móói!”. Direct werd zij daarin bevestigd door een moeder van een leerling van het Cals die vol lof was.
Jelmer kwam op het allerlaatste moment binnenrennen omdat hij, zoals een echte muzikant betaamd, nog een andere snabbel had op deze avond. Maar met de autoriteit van een professional ging hij voor zijn koor staan, nam de tijd iedereen aan te kijken, liet hen allemaal tot rust komen om vervolgens heel stemmig en ingetogen het Alleluia van het liedboek uit Taize ten gehore te brengen.
Het prettige van concerten op een middelbare school is dat ouders hun dankbaarheid vaak uiten. Het grootste compliment voor elke docent. Ik wil het u en de 11 derdejaars van het conservatorium van Utrecht die dit project hebben gedragen niet onthouden:
"Vrijdagavond was een prachtige avond op het Cals college! Mijn zoon deed mee met het koorproject en ik was met mijn 2 dochters luisteren. Het is prachtig om het plezier en de energie te zien van een hele groep jonge mensen die met elkaar iets moois neerzetten. De mix van klassiek, populair en van alles ertussen…ik heb er van genoten!
Mijn zoon was de hele week enthousiast en na de eerste middag repeteren kwam hij stralend thuis. Heerlijk! Hij heeft ook zo genoten. U bedankt en alle anderen ook!”
Betekenisvol muzikantschap, u begrijpt vast wat ik bedoel.
---------------------------
De stemmen van de middelbare school
door Suzan Lutke
Veel wordt er geschreven in de media over het niveau van het muziekonderwijs op de basisschool. Vaak gehoord is de opmerking dat ‘kinderen niet eens meer kunnen zingen’. Wat ik persoonlijk altijd erg prettig vind om te merken is dat goed onderwijs dit soort tendensen in de maatschappij kan omzetten.
Dat bleek weer eens tijdens de koorweek voor middelbare scholen die het conservatorium van Utrecht elk jaar organiseert voor scholen in de regio met het eindexamenvak muziek in hun curriculum.
Bij de Opleiding Docent Muziek van het conservatorium van Utrecht laten wij onze studenten gedurende hun studie zoveel mogelijk in aanraking komen met authentieke leersituaties, concrete situaties die ze zomaar in hun toekomstige beroepsituatie kunnen tegenkomen. Ook zijn wij de laatste jaren druk doende daar alle vakken in het curriculum aan te verbinden. Het is ons doel studenten af te leveren met een groot persoonlijk muzikantschap en een grote hoeveelheid tools dit in de wereld te zetten. Muzikantschap 3.0. Betekenisvol muzikantschap waarin educatie en uitvoering versmelten tot een ‘cloud of musical meaning’. Het muzikaal leiderschap speelt daarin een cruciale rol. Leiderschap in een ruime betekenis van dat woord: het richting geven, invullen, leiden en inspireren van anderen vanuit je eigen muzikale drive.
Het is één ding dat uit te proberen voor je studiegenoten, maar wat doe je als je 70 middelbare scholieren uit de bovenbouw hebt én ook nog de 70 studenten van de opleiding? Een authentieke uitdaging zullen we maar zeggen. Om dit te fasciliteren zijn we een aantal jaren geleden gestart met een koorproject waar we nu eens niet naar de scholen toegaan, maar de leerlingen van scholen uitnodigen om naar het conservatorium te komen. Op die manier snijdt het mes aan twee kanten: het conservatorium en haar inwoners worden opgeschud door de inspirerende aanwezigheid van 80 middelbare scholieren én de leerlingen krijgen een gevoel bij wat dat is, een conservatorium, en in hoeverre dat voor hen een optie kan zijn in de toekomstige keuze voor een vervolgopleiding.
Op maandag 22 maart was het weer zover. Lokaal 330 van het conservatorium stroomt langzaamaan vol. De elf derdejaars studenten staan er enigszins verontrust naar te kijken. De leerlingen van het Cals college uit Nieuwegein vormen dit jaar de grootste groep leerlingen aangevuld met een groep van 20 leerlingen uit Lille (Frankrijk) die een uitwisseling hebben met de Werkplaats in Bilthoven.
De opzet van dit project is al een aantal jaar hetzelfde. Elke derdejaars student studeert één stuk in. De groep met leerlingen/studenten wordt verdeeld in verschillende groepjes. Er zijn 5 ronden van elk 40 minuten. Soms zingt iedereen in het grote koor, soms in kleinere koren met verschillende bezettingen, soms in een close harmony groep. Ieder koorlid zingt dus 5 stukken. We repeteren twee middagen en dan moet het eigenlijk klaar zijn. Op vrijdagavond is er dan altijd de uitvoering waar alle stukken uitgevoerd worden, aangevuld met solo optredens van leerlingen van de verschillende scholen.
Het blijkt een krachtig concept. Elk jaar weer is de maandag een dag van instuderen, veel noten vreten en tegelijkertijd de groep leren kennen. Het is verbazend hoe snel de leerlingen leren en hoe goed ze zijn. Dit is absoluut een groot compliment aan hun docenten. De leerlingen die aan ons project meedoen hebben allemaal een goede stem, zingen zonder enig voorbehoud, zijn 4 uur lang geconcentreerd bezig en zijn in staat zichzelf uitstekend te presenteren op een podium.
Het thema voor de conservatoriumstudenten was dit jaar hoe je wezenlijk contact kunt maken met een groep die je nog niet kent en in slechts 2 keer 40 minuten jouw visie kunt laten zien aan de groep. Hoe kun je je muzikaal leiderschap zo inzetten dat iedereen met je meegaat? Om hier een goed inzicht in te krijgen hebben we dit jaar voor het eerst met video-opnamen gewerkt. De studenten is gevraagd om op maandag hun hele repetitie op te nemen om daar vervolgens op maandagavond een korte film van te maken waarin een aantal goede momenten en verbeterpunten naar voren moesten komen. Na een gezamenlijke introductie op dinsdag zijn de studenten met een docent uiteen gegaan om samen naar deze reflecties te kijken en aan de hand daarvan een plan te schrijven voor de repetitie van dinsdag. Drie docenten waren betrokken bij deze reflecties: Servaas Schreuder, de koordirectiedocent, Tet Koffeman, zangcoach en ondergetekende vanuit de muziekdidactiek. Het bleek een krachtige tool. Alleen al het feit dat de studenten de opdracht hadden gekregen de hele repetitie terug te brengen naar een korte film met daarin ‘tips en tops’ maakte dat ze met veel inzicht deze tweede dag ingingen. Ook bleek dat omdat ze zo goed naar zichzelf hadden gekeken ze heel goed in staat waren elkaar van peerfeedback te voorzien. Het resultaat voor de middag repetitie was verbluffend. De veranderingen en verbeteringen waren evident en het klinkend resultaat daardoor ook. Plotseling was er het bewustzijn van de eigen persoon in relatie tot de grote groep. De kracht van een visie ten aanzien van wat je wilt gaan horen, het gebruik van alle muzikaliteit van jezelf in de communicatie met anderen. Plotseling was er de verbindende kracht van muziek.
Hierin is ook precies dit project voor alle betrokken zo bijzonder. Op dinsdag werd de dag geopend door Myrthe die met Gabrielles’ song uit de film As it is in heaven direct een emotioneel statement wilde maken. Toen ze zichzelf daarin echt kon laten gaan was de klank uit het koor zo overweldigend dat iedereen de kracht van de dirigent, van muzikale visie en van de muziek tot in zijn tenen voelde. Met een spontaan applaus als gevolg.
Ook deze tweede repetitie is opgenomen door de studenten. Verder op in de week zijn zij in groepen uiteen gegaan om samen te kijken naar deze opnamen en te kijken welk effect de voorgenomen verbeteringen hadden op de repetitie. Doel was op elk verbeterpunt van de reflectie van dinsdag te voorzien van een video opname van de tweede repetitie waarin de student toont in ieder geval met dat punt bezig te zijn.
Vrijdagmiddag verzamelde de hele club zich weer. Ditmaal op het Cals College in Nieuwegein. Vanwege het internationale Harpconcours was jammer genoeg de zaal van het conservatorium bezet, maar het Cals bezit zelf een prachtige theaterzaal wat zij ter beschikking wilden stellen voor het concert. Na nog een aantal korte repetities en een zoals het hoort rommelige generale was het zover: de uitvoering!
Belangrijk in het leven van elke muzikant is dat je het moment waarop het moet gebeuren herkent en daar kunt pieken. Durf je los te laten? Een citaat van Renske van der Zeeuw, derdejaars student die What a wonderful world had bewerkt voor vrouwenkoor en met 30 meiden had ingestudeerd:
"Ik heb alles voor de spiegel geoefend na de laatste repetitie van dinsdag. Wat waren die opnamen vreselijk! Ik zag er niet uit! Maar ik had me voorgenomen gewoon te genieten tijdens de uitvoering, en het lukte! Ik heb nergens meer aangedacht, maar ik deed het wel!"
Dorien dirigeerde O salutaris Hostia, een prachtig ingetogen liturgisch werk van Caplet. Ook haar laatste repetitie was niet vlekkenloos verlopen, maar met stralende ogen sprak zij de legendarische woorden: “ het was móói!”. Direct werd zij daarin bevestigd door een moeder van een leerling van het Cals die vol lof was.
Jelmer kwam op het allerlaatste moment binnenrennen omdat hij, zoals een echte muzikant betaamd, nog een andere snabbel had op deze avond. Maar met de autoriteit van een professional ging hij voor zijn koor staan, nam de tijd iedereen aan te kijken, liet hen allemaal tot rust komen om vervolgens heel stemmig en ingetogen het Alleluia van het liedboek uit Taize ten gehore te brengen.
Het prettige van concerten op een middelbare school is dat ouders hun dankbaarheid vaak uiten. Het grootste compliment voor elke docent. Ik wil het u en de 11 derdejaars van het conservatorium van Utrecht die dit project hebben gedragen niet onthouden:
"Vrijdagavond was een prachtige avond op het Cals college! Mijn zoon deed mee met het koorproject en ik was met mijn 2 dochters luisteren. Het is prachtig om het plezier en de energie te zien van een hele groep jonge mensen die met elkaar iets moois neerzetten. De mix van klassiek, populair en van alles ertussen…ik heb er van genoten!
Mijn zoon was de hele week enthousiast en na de eerste middag repeteren kwam hij stralend thuis. Heerlijk! Hij heeft ook zo genoten. U bedankt en alle anderen ook!”
Betekenisvol muzikantschap, u begrijpt vast wat ik bedoel.
woensdag 24 maart 2010
Fantastische popmuziekcanon van Ludwike
Check it out you all: een fantastische popmuziek canon van Ludwike. Je kunt hem ook inclusief filmpjes bekijken op: http://timerime.com/timeline/288724/
Abonneren op:
Posts (Atom)